• darkblurbg

Inleiding

Wie de laatste jaren het nieuws in de gaten heeft gehouden, weet dat Nederland zich geregeld inzet voor de aanwijzing van een gebied of object tot werelderfgoed. Het doel hiervan is het verkrijgen van een aanwijzing tot Werelderfgoed door de Commissie voor het Werelderfgoed van de UNESCO. De aanwijzingen vinden plaats op de jaarlijkse Werelderfgoed Conventie, die in 1972 is opgericht en in 1976 voor het eerst plaatsvond.

 

Werelderfgoed

De lijst
Op de Werelderfgoedlijst staat cultureel en natuurerfgoed dat niet alleen uniek en behoudenswaardig is voor één land, maar voor de gehele mensheid. Het is erfgoed van 'outstanding universal value'. Op zijn Nederlands zou dat betekenen van buitengewone universele waarde. Het gaat hierbij om monumenten, gebouwencomplexen en landschappen. Het is van groot belang dat dit erfgoed behouden blijft. Nu in 2017 (december) staan er 1.073 erfgoederen op de lijst, waarvan 832 culturele erfgoederen, 206 natuurerfgoederen en 35 zogenaamd gemengd erfgoed (mix van cultureel en natuurerfgoed). De 1.073 erfgoederen zijn gelegen in 167 landen. In totaal hebben 190 landen de Werelderfgoed Conventie onderschreven.

De aanwijzing
In de loop van de jaren zijn de meest bekende wereldmonumenten al op de lijst gekomen. De aanvragen blijven echter binnenkomen en de Commissie kan kieskeurig zijn met nieuwe aanvragen. Voor de aanwijzing bestaan dikke reglementen. Hierin staat onder meer dat er per jaar maar maximaal 45 aanvragen worden behandeld. Zijn er meer aanvragen, dan vindt de volgende prioritering plaats:

  1. aanvragen uit landen die nog geen erfgoed op de Werelderfgoedlijst hebben staan;
  2. aanvragen uit landen die maximaal drie erfgoederen op de Werelderfgoedlijst hebben staan;
  3. aanvragen die door de limiet van 45 aanwijzingen nog niet zijn aangewezen;
  4. aanvragen voor natuurerfgoed;
  5. aanvragen voor zogenaamd gemengd erfgoed;
  6. aanvragen voor landsoverschrijdend erfgoed;
  7. aanvragen van landen uit Afrika, het Pacifisch gebied en het Caribisch gebied;
  8. aanvragen van landen die in de laatste 10 jaar de Werelederfgoed Conventie hebben geratificeerd;
  9. aanvragen van landen die de laatste 10 jaar geen aanwijzing hebben gekregen.

Echt snel of gemakkelijk op de lijst komen is er dus voor de meeste landen en het meeste erfgoed niet bij. Daarnaast dient een aanvraag zorgvuldig opgesteld te worden. Het dient vergezeld te gaan van een goede wetenschappelijke onderbouwing plus een plan van aanpak hoe het land denkt om te gaan met het erfgoed in de zin van behoud en versterking ervan. Dit dient het land te verankeren in wetgeving en beleid. Ook de aanvraag zelf moet dus volledig zijn en kan bij gebreken ook leiden tot een afwijzing. Plaatsing van een monument op de Werelderfgoedlijst levert geen geld op. Ieder land is zelf verantwoordelijk voor bescherming en behoud van de eigen erfgoederen. Een aantal van deze erfgoederen op de werelederfgoedlijst zijn bedreigd in hun voortbestaan of in hun waarde. Deze bedreigde erfgoederen komen dan op de zogenaamde 'rode lijst' te staan. Dit betreft niet alleen erfgoederen in verval, maar ook niet goed beschermde erfgoederen, zoals bijvoorbeeld de Dom van Keulen waarvan de zichtbepalende waarde wordt bedreigd door hoogbouw in de stad.

 

Nederlands werelderfgoed

In Nederland staan 7 cultuurerfgoederen en 1 natuurerfgoed op de Werelderfgoedlijst. Het gaat om de volgende erfgoederen (met jaar van aanwijzing):

  • het voormalige eiland Schokland (1995);
  • de Stelling van Amsterdam als verdedigingslinie (1996);
  • de molens van Kinderdijk (1997);
  • het ir. D.F. Woudegemaal bij Lemmer (1998);
  • droogmakerij De Beemster (1999);
  • het Rietveld Schröderhuis te Utrecht (2000);
  • de Waddenzee (tezamen met het Duitse deel in 2009);
  • de Amsterdamse grachtengordel (2010);
  • Van Nellefabriek (2014).

De bovenstaande lijst laat zien dat vanaf 1995 jaarlijks een erfgoed werd voorgedragen en aangewezen bij de UNESCO tot en met het jaar 2000. Dan is het even stil, maar in 2007 adviseerden de Raden voor Cultuur en het Landelijk gebied over een herziening van de Voorlopige Lijst (de Nederlandse Lijst met daarop alle monumenten die men eventueel aan de UNESCO wil voordragen). Dit leidt tot nieuwe voordrachten. Daarin wordt gesteund op twee ambities:

  1. Bijdragen aan bescherming van het mondiaal werelderfgoed als geheel;
  2. Werelderfgoed binnen onze grenzen beschermen door:
    • Erkend werelderfgoed goed te beheren;
    • Nieuwe nominaties met zorg voorbereiden en uitvoeren.

Bij nieuwe voordrachten zijn voor Nederland de volgende thema's leidend:

  • Nederland Waterland;
  • Nederlandse bijdrage aan de modernisering in de 20e eeuw;
  • Nederland in de 17e eeuw;
  • Internationaal: voordrachten uit de Antillen en voordrachten samen met andere landen.

De eerste drie thema's zijn karakteristiek Nederlandse thema's die ook tot unieke erfgoederen hebben geleid op mondiaal niveau. Nieuwe voordrachten dienen hierbij aan te sluiten. De recente aanwijzing van het natuurerfgoed Waddenzee is een voorbeeld van het laatste thema gezien de internationale samenwerking met andere landen, in dit geval Duitsland en Denemarken.

 

Kanalen als werelderfgoed

Hoe staat het met de kanalen op de Werelderfgoed lijst? Kanalen zijn een goed voorbeeld van een culturele uiting waarachter met name economische motieven zijn gelegen. De aanleg ging vaak gepaard met bijzondere staaltjes van waterbouwkunde. De bovengenoemde Nederlandse erfgoederen op de Werelderfgoedlijst laat geen kanalen zien, tenzij je de Amsterdamse grachten als kanalen ziet (ik niet). Wereldwijd echter staan wel enkele kanaal(objecten) op de lijst:

 

Kanaal of kanaalobject Land Redengevende beschrijving
Scheepslifen Centrumkanaal België   In 1998 zijn de vier hydraulische scheepsliften bij La Louvière in het Canal du Centre op de Werelderfgoedlijst geplaatst als industrieel erfgoed. Zij gelden als exceptioneel voorbeeld van de ingenieurskunde aan het einde van de 19e eeuw.
Rideau Canal  Canada Dit kanaal is om militaire redenen aangelegd van Ottowa naar het Ontariomeer in de tijd dat Engeland en de Verenigde Staten elkaar bevochten om gebiedscontrole. Het kanaal kent vele elementen in de vorm van sluizen en fortificaties. Het kanaal geldt als een voorbeeld van Europese ingenieurskunst in Noord-Amerika en is de eerste waterweg die geschikt werd gemaakt voor stoomboten. Het is ook het enige kanaal in Noord-Amerika dat nog altijd in gebruik is als waterweg. Het kwam in 2007 op de lijst. 
The Grand Canal China

Het Grote Kanaal van China is een immens waternetwerk in het oostelijke deel van China van meer dan 2.000 kilometer dat dwars door acht provincies loopt. Het kanaal loopt van Beijing in het noorden tot de Zhejiang provincie in het zuiden. Het is vanaf de 5e eeuw voor Christus in verschillende delen aangelegd. Het was de belangrijke verbinding voor communicatie in het Chinese Keizerrijk vanaf de 7e eeuw. Voor het functioneren ervan zijn enorme constructies gebouwd waarmee het de grootste en meest uitgebreide waterbouwkundige werken zijn voor de industriële revolutie. Het is in 2014 op de Werelderfgoedlijst geplaatst.

Canal du Midi Frankrijk Al in 1996 op de lijst geplaatst. Het is een bijzonder symbool van de Nieuwe Tijd die uitbrak na de middeleeuwen en een belangrijke voorloper van de industriële revolutie. Al gebouwd tussen 1667 en 1694 toont het kanaal zowel een grote technische kunde alswel een bijzondere esthetische waarde gezien de wijze waarop het kanaal in het landschap is opgenomen. In totaal is het 360 kilometer lang en zijn er wel 328 bouwkundige elementen aan verbonden.
Pontcysylite Aquaduct and Canal Groot Brittanië Dit kanaal met aquaduct is in 2009 op de Werelderfgoedlijst geplaatst. Het geeft een goed voorbeeld van de waterbouwkundige innovatie in de industriële revolutie in Engeland. Het aquaduct is een bijzonder staaltje ingenieurskunst in de omgang met moeilijke geografische omstandigheden. De metalen bogen van het aquaduct waren een noviteit dat sindsdien vaak is gevolgd. Ook in deze tijden wordt het viaduct nog altijd gebruikt voor de scheepvaart.

Voor verdere informatie verwijs ik graag naar de site van UNESCO.

---

Geplaatst: 9 augustus 2010 - Update: 3 december 2017