• darkblurbg

 

Ligging 

De Reevaart is een gedempt kanaal bij het dorp Nederhorst den Berg in de provincie Noord-Holland. Het voormalige kanaal heeft een lengte van 2 kilometer. Het kanaal zorgde voor een bochtafsnijding van de Vecht en wordt daarom ook wel Nieuwe Vecht genoemd. De vaarroute over de Vecht werd er bijna 3,5 kilometer korter op.

 

Geschiedenis

Een karakteristieke rivier
De Utrechts-Hollandse Vecht is vermaard om zijn buitenplaatsen die lommerrijk spiegelen in het traag stromende water. De rivier rijgt als een slingerend lint karakteristieke dorpen en steden aan elkaar in de luwte van de Randstedelijke dynamiek. Het is dan ook geen wonder dat deze rivier een pleisterplaats is voor horden toeristen en recreanten. Plezierjachten varen af en aan onder de unieke Vechtbruggen. De Vecht is, zeker in de zomer, vol van dit vertier. Haar rol als één van de belangrijkste vaarwegen voor de handel lijkt lang, lang geleden.

Stromen door het veen
De Vecht is één van de vele Rijntakken in ons land en ontstond ruim 4000 jaar geleden. Stromend door grote veengebieden werd de rivier vooral gevoed door het veenwater. Ook de Vecht zelf kent meerdere zijtakken, zoals die richting de Angstel en richting het Gein. Deze zijn uiteindelijk dichtgeslibd, zodat de Vecht is ontstaan zoals wij die nu kennen.

Een eeuwenoude handelsroute
De Vecht werd al gebruikt door de Romeinen voor hun handel richting het noorden. Het belang van de rivier nam verder toe in de middeleeuwen. De Vecht was toen de belangrijkste route vanaf Dorestad naar de Oostzeelanden. Ook de Noormannen gebruikten de Vecht voor hun handels- en plundertochten. Nog wat later in de middeleeuwen kwam de stad Utrecht, tevens bisschopszetel, op. Voor Utrecht was de Vecht, tezamen met de Vaartsche Rijn en de Oude Rijn, de belangrijkste handelsroute.


De Reevaart rond 1920.

Strijd om toegang
De stad Utrecht investeerde geregeld in het goed onderhouden van deze vaarverbinding. Zo betaalde de stad mee aan de bouw van een sluis in de Hinderdam in 1437. Deze Hinderdam was in 1326 gebouwd om zout getijdenwater uit de Zuiderzee tegen te houden, maar hinderde het handelsverkeer flink. De dam leg net ten zuiden van de grens met Holland. Hier had de bisschop ooit grondgebied, de Gooi en Vechtstreek, verloren aan de graaf van Holland. Tussen deze machtshebbers zou ook later nog flink gebakkeleid worden. Dit tot nadeel van de stad Utrecht in een tijd dat Amsterdam snel kwam opzetten.

De snelste route
Veel van het handelsverkeer gaat na de middeleeuwen over de route via de Vecht en de Angstel van en naar Amsterdam. Dat kostte de stad Utrecht de nodige tol. De stad zoekt dan ook naar verbeteringen van de vaarroute over de Vecht naar Muiden om deze meer aantrekkelijk te maken. Bij Nederhorst den Berg liep de Vecht in een ruime bocht om het dorp heen. Bij resolutie van 12 augustus 1628 verleenden de Staten van Utrecht octrooi aan de stad Utrecht tot het realiseren van een zandpad binnendoor vanaf de Vecht tot de Hinderdam. In opdracht van de bestuurders van de stad en het gewest Utrecht werd in 1629 hierlangs een verbindingsvaart aangelegd. Deze vaart is gerealiseerd onder leiding van jonkheer ridder Goddard van Reede, die huist in kasteel Nederhorst en participeert in het project. Naar hem wordt de nieuwe vaart Reedevaart of later Reevaart genoemd. Ook wordt er wel gesproken over de Nieuwe Vecht. Het tot dan toe van de Vecht geïsoleerde dorp Nederhorst den Berg komt ineens aan een drukke handelsroute te liggen.

Een voorspoedige groei
De Reevaart draagt in belangrijke mate bij aan de ontwikkeling van het dorp. Tot dan toe was het een kleine nederzetting met een kerkje op de horst en enkele boerderijen langs het belangrijkste oost-west georiënteerde pad richting Nigtevecht en Ankeveen. Met de komst van de Reevaart werd het dorp weliswaar doorsneden, maar bood het ook nieuwe kansen. Al snel ontwikkelde het dorp zich verder langs de vaart in noordelijke en zuidelijke richting. Een karakteristieke ‘Vechtse’ dubbele ophaalbrug verbond de beide dorpsdelen. Het is een tolbrug. Schippers hielden er halt en deden er boodschappen. Een korte terugval vond plaats door het platbranden van de Vechtstreek door de Fransen in 1673, maar daaruit volgden ook weer kansen. De Hinderdam werd opgeruimd en vervangen door een nieuwe zeesluis bij Muiden. Ook voor Amsterdam werd de route over de Vecht richting Utrecht en verder naar Duitsland steeds belangrijker. Het is uiteindelijk ‘kanalenkoning’ Willem I die in het begin van de 19e eeuw de vaarroute sterk verbetert en als ‘Keulse vaart’ een belangrijke rol laat spelen in het hoofdvaarwegennet.

Zo blijft het door de eeuwen heen levendig in Nederhorst den Berg. Naast de handel zijn er trekschuiten die volgens een vaste dienstregeling op Utrecht, Weesp en Amsterdam varen. Later komt het beurtschip en vond motorisering van de scheepvaart plaats. Het vervoer over de weg is tot in de 20e eeuw minimaal als gevolg van de slechte wegen door het veen. Zeker in de winter zijn deze vrijwel niet begaanbaar.


De oude ophaalbrug over de Reevaart. (bron: Stichting 'Vecht terug in het dorp Nederhorst den Berg')

Een economie gebouwd op water en zand
Gelegen tussen veengebieden en veenplassen is het niet vreemd dat de meeste inwoners van Nederhorst den Berg eeuwenlang werk vonden in de veenderij, het hoepelbuigen en de rietsnijderij. Belangrijk is de opkomst van de wasserijen aan het einde van de 19e eeuw. Het is te danken aan het schone Vechtwater. Nederhorst den Berg werd een belangrijk wasserijcentrum en telt in het midden van de 20e eeuw 12 wasserijen en drie wasverzendbedrijven. Zij werkten met name voor klanten in Amsterdam waarbij de Vecht en de Reevaart werden gebruikt voor het transport. Naast het vervoer over het water zal uiteindelijk het zand uit de Spiegel- en Blijkpolder een belangrijke impact hebben op het dorp en naar later zou blijken ook op de Reevaart. Vanaf de dertiger jaren in de 20e eeuw begon de Amsterdamse Ballast Maatschappij met de zandwinning in deze polders. Er werd wel tot 50 meter diep zand gewonnen. Dat maakt dat van droogmaking nooit meer wat is gekomen. Na het beëindigen van de zandwinning in 1980 resteert een grote plas ten oosten van het dorp.

Een nieuw kanaal
De teruggang van de beroepsvaart over de Vecht en daarmee over de Reevaart werd ingezet met de opening van het Merwedekanaal in 1892. De keuze voor een nieuw kanaal ten westen van de Vecht is een gelukkige geweest voor alle fraaie buitenplaatsen die er liggen. De Vecht heeft haar vrij natuurlijke loop daardoor weten te behouden. Het is echter wel gedaan met de handel over de Vecht. Het Merwedekanaal wordt namelijk een groot succes en wordt later verbreed en hernoemd tot Amsterdam-Rijnkanaal.

Het verval zet in
Over de Reevaart was net daarvoor in 1886 een nieuwe ijzeren brug gebouwd voor ƒ 9.000,-. Door het wegvallen van scheepvaartverkeer kon uiteindelijk niet eens meer de rente over deze lening worden betaald. De vaart kwijnde langzaam maar zeker weg. Het is nog te danken aan met name de wasserijen dat er lokaal in ieder geval nog voldoende bedrijvigheid bleef. Het onderhoud van de brug werd de stad Utrecht (nog altijd eigenaar) tot een last. Het onderhoud werd tot een minimum teruggebracht en meermaals werd verzocht de brug te mogen verwijderen.


De huidige situatie van waar ooit de brug was gelegen.

Geen houden meer aan
Uiteindelijk wordt aan dat verzoek voldaan. Het past in de grootse plannen voor het dorp. Met het zand uit de Spiegel- en Blijkpolder wil Nederhorst den Berg honderden nieuwe huizen bouwen in de Blijkpolder. Hierbij past een goede infrastructuur en een goede verbinding tussen de beide dorpshelften. De Reevaart ligt letterlijk en figuurlijk in de weg. Het zuidelijke deel ervan wordt vanaf 1969 gedempt met zand uit de naastgelegen Spiegelpolder. In 1971 is de brug weg en is het dorp weer één. Nieuwe brede wegen en brede parkeerterreinen vullen het verloren gegane water. In die tijd niets anders dan een vooruitgang. Een stinkende en in de weg zittende vaart is opgeruimd. Aan het begin van de jaren tachtig volgt de demping van het noordelijke deel, dat ten behoeve van bedrijvigheid aan de noordzijde van het dorp niet meteen werd gedempt.

Andere inzichten
Nu wordt er in het dorp door veel mensen getreurd om de verloren gegane vaart en vooral om de daarmee samenhangende karakteristiek. Nederhorst den Berg is geen dorp meer aan de Vecht. De recreatievaart is sinds de demping sterk gegroeid, maar aan het vertier langs het water doet dit dorp niet meer mee. Wat rest is een vrij sfeerloos gebied met stenen en gras. Het heeft geleid tot de opricht van de stichting ‘De Vecht terug in Nederhorst den Berg’. Deze stichting heeft als doel de cultuurhistorische waarden van het dorp Nederhorst den Berg te herstellen. Men is teleurgesteld in de uiteindelijke inrichting. Beloofd was meer water in het heringerichte gebied, maar uiteindelijk is al het water verdwenen. In 2002 werd nog gepleit voor het terughalen van de hele vaart, maar hiertegen bestond onverwacht verzet uit het dorp zelf. Sindsdien pleit de stichting voor het gedeeltelijk terugbrengen van (bevaarbaar) water in het dorp. Dit alles om weer wat meer sfeer, levendigheid en karakter in het centrum te krijgen. 


Het verlangen naar een vaart.

 

Langs de Reevaart

Een indirecte familieband
Het eerste huis dat mijn pas getrouwde ouders betrokken stond in Nederhorst den Berg. Het was een klein appartement in een oude wasserij aan de Eilandseweg. Het was in het midden van de jaren zestig van de 20e eeuw. De Reevaart was er toen nog. Het sterkste beeld dat zij nog van de vaart hebben is de brug in het centrum en, komend uit Amsterdam, het kleinschalige karakter van de bebouwing. Na twee jaar vertrokken ze naar Weesp, net voor de nieuwe tijd zijn intrede deed in Nederhorst den Berg. Weg Reevaart, weg wasserijen.

Het niet gekozen alternatief
Ik ben dus opgegroeid in de omgeving van de Reevaart. Ik heb er echter geen beeld van. Zelfs niet van het noordelijke deel, dat pas jaren later zou worden gedempt. Voor een mooi voet- of fietstocht langs de Vecht bleef je het liefst aan de westzijde. Natuurlijk kon dat ook via de oostzijde, via Nederhorst den Berg, maar dat was wel erg om vanuit Weesp en ook minder mooi. In Nederhorst den Berg kwam je alleen als het moest. Om te voetballen of later om wellicht een twee-meter-sessie te beluisteren.

Wat moet je ervan zeggen
Nu sta ik aan de noordzijde van wat eens de Reevaart was (1). Geen vaart dus, maar de Nieuwe Dammerweg. Hier bij de voormalige monding van de Vecht zoek ik nog wanhopig na een aanknopingspunt dat verwijst naar de oude vaart. Het is er niet. Toch merk je dat er iets niet klopt. Een weg en hele brede groenstroken met zeker aan de oostzijde een mooie dubbele bomenrij. Het is ingericht, maar er ontbreekt een zekere bezieling. Een wil om er iets mooi van te maken. Ondanks alle bouwplannen in het verleden blijft Nederhorst den Berg gewoon een klein dorp. De Nieuwe Dammerweg is dan ook vooral vrij leeg en stil. Als je weet dat hier een vaart is geweest, dan denk je nu vooral waarom? Waarom is die weg?


Ooit bedrijfsbebouwing langs de vaart

Weiden en verval
Ik volg het voormalige tracé van de vaart, dat gewoon kaarsrecht is, naar het zuiden. Groene weiden bevinden zich aan beide zijden naast mij. Aan de oostzijde ligt grotendeels kleinschalige bebouwing in een lint langs de weg waar vroeger de vaart was. Incidenteel is er een wat historischer pand. Het geheel maakt een wat verweesde indruk. Enkele panden zijn in verval. Aan de westzijde lagen vroeger bedrijven die de vaart nog hebben gebruikt. Zij zijn nu vervangen door anonieme meer moderne bedrijfsgebouwen. Het enige opvallende is hier de Reeweg, dat op een kleine kade is gelegen. Het moet haast wel de oude kade van de vaart zijn.

Het vooruitgangsdenken
Na een kleine kilometer kom je in het dorp zelf. Het is in de verte al te zien als een soort van groene oase waarvoor de Nieuwe Dammerweg wijkt. Hier in het dorpscentrum zijn bovenop de vaart grasvelden met heel veel bomen, parkeerterreinen en her en der een speelveld aangelegd. Ze lijken vrij lukraak naast elkaar te zijn gesmeten. De bomenvelden zijn op zich best mooi, maar geven ook een besloten indruk. Aangezien een pad ontbreekt lijken ze ook niet bedoeld om erin te verblijven. Ze zijn het resultaat van het vooruitgangsdenken. Nederhorst den Berg groeit en vraagt om goede wegen en een goed bereikbaar winkelcentrum. Dat is gelukt, maar met het dempen van de vaart kwam er zoveel ruimte vrij, dat men blijkbaar niet goed wist wat daarmee aan te vangen. Het is zelfs niet gelukt om te zorgen voor samenhang tussen de wel met een doel ingerichte ruimten.

Een kleine parel
Midden in het centrum, vlakbij waar ooit de brug stond denk ik, komen we het mooiste stukje van Nederhorst den Berg tegen (2). Het zijn enkele historische panden die zich ooit hebben gespiegeld in het water van de vaart. Onder meer het oude gemeentehuis van Nederhorst den Berg staat hier. Met de aanwezige muziekkapel lijkt er zelfs iets van een sfeervol pleintje te zijn. Op de achtergrond de fraaie middeleeuwse kerk van Nederhorst den Berg. Aan de overkant de nieuwere robuuste katholieke kerk. Dit stukje is als een kleine parel in een wat schraal kralensnoer dat het voormalige tracé van de vaart is


Zo nu en dan een fraai gebouw in het dorpshart.

Kasteel Nederhorst
Uiteraard mogen we niet het kasteel Nederhorst vergeten. Het ligt net ten zuiden van de dorpskern iets terzijde van het tracé van de vaart. Het is een fraai kasteel met een lange geschiedenis waaraan die van de Reevaart nauw is verbonden. Met een mooi toegangshek toont het kasteel zich aan de zijde van de voormalige vaart. Dit hek ligt op een hogere kade. Daarnaast loopt nu de Nieuwe Overmeerseweg. Hier dezelfde inrichting als aan de noordzijde van het dorp. Een weg omzoomd met brede groenstroken met daarin (dubbele) bomenlanen. Het is groen en weelderig, maar toch ontbeert er iets.

Een klein restant
Uiteindelijk komen we bij het buurtschap Overmeer weer aan bij de Vecht. Hier is een klein restant van de Reevaart te vinden (3). Het is een kleine inham met een lengte van hooguit 100 meter. Er ligt een steiger voor kleine motorboten en sloepen. Met houten balken in het water wordt deze inham afgeschermd van de Vecht met slechts een kleine opening erin. Het is een beetje als mosterd na de maaltijd. Misschien had ik hier moeten beginnen. De Vecht stroom weer in zijn wijde bocht om Nederhorst den Berg heen en niemand die zich daar nu aan stoort. De vaarrecreanten zullen ongetwijfeld meer gecharmeerd zijn van de lome lommerrijke bochten van deze rivier met een mooi zicht op Nigtevecht en enkele historische hoeven als toetje.

Enige reflectie
Als ik dit zo terug lees kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat ik vrij negatief ben over hoe er is omgegaan met de erfenis van de Reevaart. Zoals ik al schreef, in het verleden had ik weinig reden om eens goed het dorp te bekijken. Ik denk dat ik daardoor toch hoge verwachtingen had van wat er nu nog restte van de Reevaart. Verwachtte een onontdekte schat die ik ten onrechte links had laten liggen. Helaas wat dat er niet. De vaart is zeer efficiënt uitgewist. Uiteraard kun je het tracé wel herkennen. Er ligt nu een weg en in het centrum zijn groene ruimten en parkeerterreinen aangelegd. De samenhang en de verwijzing naar het verleden zijn echter verdwenen en nee, de zes regels op het ANWB-bordje op het dorpsplein maken dat niet goed. Het viel me ook tegen dat de bebouwing vrijwel niet verwijst naar het verleden. Misschien was het dorp ook nooit zo mooi langs de Vaart. Was het alleen maar romantiek. Al met al kan ik meevoelen met de stichting die het water (gedeeltelijk) weer wil terugbrengen. Wat betreft ruimtelijke kwaliteit zou dat het dorp goed doen. Uiteraard is daar wel een prijskaartje aan verbonden. De vraag is of de gemeenschap dat er voor over heeft. Ook zonder water is er ruimtelijk het nodige te doen waardoor het dorp weer wat gezelliger wordt. Nu ligt er veel nutteloos groen en gek genoeg is dat nu eens geen kwaliteit.


Het laatste restant van de Reevaart.

 

Wat valt op?

  • aan de noordzijde ontbreekt een markering, een herkenningspunt, van de vroegere aansluiting van de Reevaart op de Vecht. Dat is een gemis;
  • vrijwel geen enkel gebouw toont in zijn detaillering of naamgeving nog een relatie tot de vroegere vaart. Er is het nodige verdwenen, zoals bijvoorbeeld het klooster ‘De Voorzienigheid’, maar wellicht zijn ook andere karakteristieke panden verdwenen die mogelijk wel een sterke relatie hadden met de vaart, zoals het café-restaurant en het hotel. Misschien zijn ze anoniemer verbouwd;
  • het is opvallend hoe weinig creatief en met hoe weinig kwaliteit een invulling is gegeven aan de ruimte die vrijkwam door de demping van de vaart. Ruimtelijk gezien is er nu nog altijd sprake van een barrière tussen de twee dorpsdelen. Een barrière als gevolg van een ongenaakbare ruimtelijke inrichting;
  • het majestueuze hek van kasteel Nederhorst verdient een beter lot dan nu dood te lopen op een fietspad met naastgelegen bank en prullenbak;
  • in het algemeen lijkt hier met weinig aandacht omgegaan te zijn met het historische erfgoed. Er zijn weinig monumenten en bijvoorbeeld ook van de vele wasserijen moet je maar raden waar ze zijn geweest.


Een rommelige en weinig samenhangende inrichting.

 

Literatuur

  • Blankendaal, N.M., Nederhorst den Berg in oude ansichten, Europese bibliotheek, Zaltbommel, 1974;
  • Krol. J., De geschiedenis van Nederhorst den Berg, N. Samsom N.V., Alphen aan den Rijn, 1949;
  • Provincie Utrecht, Roland Blijdenstijn, Tastbare tijd; Cultuurhistorische atlas van de provincie Utrecht, Plan Uitgeverij, Amsterdam, 2005;
  • Snel, J., Prentenboek van Nederhorst en herinneringen uit grootmoeders tijd, Repro Holland, Alphen aan den Rijn, 1981.

Verder heb ik dankbaar gebruik gemaakt van de website 'Nieuwe Vecht' van de Stichting Vecht terug in Nederhorst den Berg. Hier is een schat aan informatie te vinden. Achtergronden, oude foto's en de laatste stand van zaken ten aanzien van de initiatieven die de stichting onderneemt.


Wat rest zijn groen en bomen.

Verkenning: 11 augustus 2012 - Geplaatst: 9 december 2013